Freitag, 03 September 2010
Home
Main Menu
Home
Contact Us

-(nl) - - - - - -
Visie
Organisatie
Projecten
Partners
Partner worden
Donaties
Actueel

-(de) - - - - - -
Vision
Organisation
Projekte
Partner
Partner werden
Spenden
Aktuell

Newsletter
Newletter email
Keep yourself updated with our FREE newsletters now!

Mailinglist name


Name:

Email:

Receive HTML mailings?
Subscribe Unsubscribe
Who's Online
We have 19 guests online
 
 
Verslag Perureis april 2006
Afgelopen maand april mocht ik (Aukje v.d. Kamp) opnieuw Peru bezoeken. Dit keer ging ik voor het eerst helemaal alleen, wat ik best een beetje spannend vond, maar ik wist zeker dat het goed was. En dat is het ook geweest! Ik had het idee dat God me de vorige keer als het ware het draaiboek van te voren had laten zien, maar me dit keer vroeg: ‘Vertrouw je Me ook als je niet van te voren weet wat er gaat gebeuren?’ Mijn antwoord was: ‘Ja.’

Vierhonderd kilometer file

De reis naar Schiphol begon al behoorlijk hectisch, want ook al waren we op tijd weggegaan, er stond die ochtend notabene vierhonderd kilometer file op de Nederlandse wegen. Uiteindelijk lieten we de auto in Driebergen -Zeist staan om met de trein verder te gaan, waarna we op Schiphol precies zes minuten hadden om met bagage van het treinstation naar de balie te rennen. Al hijgend hebben we het gered één minuut voor sluiting de bagage af te geven. Afscheid nemen en rennen over de lopende banden om de gate te bereiken, ergens achterin, waar ik direkt door kon lopen het vliegtuig in. Wat was ik blij toen ik erin zat!
Ik wist dat mijn avontuur begonnen was (smile).
 

Goede reis!

Al voor ik op reis ging heb ik God gebeden voor de mensen die ik ontmoeten zou, ook onderweg. Mijn eerste reisgenoot komt uit Bolivia en blijkt pastor te zijn van een gemeente daar. Hij heeft in Spanje een conferentie bezocht en nog voor we het luchtruim invliegen, zijn we al in een fijn gesprek met elkaar geraakt. Genoeg tijd (bijna vijftien uur), genoeg gespreksstof. Omdat we in Bonaire moeten overstappen op een ander vliegtuig (zelfs vliegtuigen gaan wel eens kapot) komen we wat later aan in Lima.
Daar blijkt echter dat mijn koffer kennelijk op Bonaire weer richting Amsterdam is gegaan, waardoor ik ongeveer twee uur later door de douane ga dan was doorgegeven aan mijn taxi van het hotel. Er is niemand meer te zien in de aankomsthal, behalve … mijn taxichauffeur die samen met onze twee vrienden, Jhosep en Karina, nog steeds staan te wachten.
Gelukkig, een blij weerzien en een veilige taxi!
 

Eerst naar Cajamarca (noord-Peru)

Na een nachtje in het hotel in Lima gaat het de volgende ochtend weer richting vliegveld, ditmaal om door te vliegen naar Cajamarca, in het noorden van Peru. Bij het zien van het vliegtuigje moet ik even slikken, die is klein! Er kunnen achttien passagiers mee en ik ben één van de laatste die naar binnen gaat. Je kunt niet eens rechtop staan. Wat een klein benauwd ding zeg! Toch vliegt het en na zo'n anderhalf uur land ik in Cajamarca waar Froukje en Elsy me al op wachten. Elsy leidt het project aldaar en ik vind het fijn haar nu in levende lijve te ontmoeten. Tot nu toe hadden we steeds contact via telefoon (beetje Duits, beetje Spaans) of via email. Froukje en Ger Prakken werken als zendelingen in Peru. Zo'n twintig jaar geleden hielpen zij ons met de adoptie van onze toen driejarige zoon Carlos in Huancayo. Ook toen logeerden we bij hen en veel herinneringen komen weer boven. Het is erg fijn opnieuw bij hen te zijn!

Een heel klein kerkje

Diezelfde avond al vraagt Elsy of ik in het kerkje dat zij ook leidt, iets wil doorgeven.
Deze ‘anexio’ (onderdeel van een grotere kerk) heeft misschien nog niet de grootte van een woonkamer en er zitten negen mensen. Vanuit mijn Engels-Spaanse Bijbel deel ik mijn Nederlandse gedachten in eenvoudig Duits (wat Elsy weer omzet naar het Spaans) of in eenvoudig Spaans. Met handen en voeten en wat mimiek komt de boodschap toch over; Mefiboseth, verlamd aan beide voeten, mag plaatsnemen aan de tafel van de koning!
Ook wij, ondanks al onze gebreken, mogen aanschuiven en maaltijd houden met Jezus, onze Koning.
 

Heel vroeg opstaan

Omdat er vrijwel geen taxi rijdt in deze buurt, wordt het terug lopen! Gelukkig dat iemand van te voren had gezien dat er altijd een engel bij me zal zijn om me te beschermen (smile).
De volgende ochtend, eigenlijk nog nacht, sta ik om vijf uur klaar om met Elsy mee te gaan naar de comedor (het eetproject). Een taxi rijdt ons door de donkere straatjes de berg op tot bijna het eind van de stad. Twee moeders staan al te wachten, klaar om het ontbijt voor te bereiden. De comedor bestaat uit een klein vertrek waar zo'n twintig kinderen tegelijkertijd kunnen eten (de rest moet even wachten) en een klein keukentje erachter. In niets te vergelijken met onze ideeën van een moderne keuken. Maar het eten wordt met liefde bereid en ik ben erg blij daarvan getuige te zijn en mee te mogen helpen. Deze morgen staat jugo (vers geperst vruchtensap met gekookt water met wortels) op het menu met twee broodjes, één met beleg, één zonder. Ruim een uur later stromen de eerste kinderen naar binnen en eten dankbaar hun bordjes leeg. Tegen acht uur zijn alle kinderen voorzien en kan het opruimen beginnen, waarna Elsy en ik samen met de moeders nog wat te eten. Daarna wandelen we weer terug naar het centrum, maar nu in het daglicht.
 
Keukenspullen kopen
Omdat de comedor zich sinds begin maart heeft uitgebreid met zeventien nieuwe kinderen, blijkt dat er een tekort aan spullen is. Lastig, iedere keer tussendoor borden, bekers en bestek afwassen omdat er niet voldoende is. Ook een aantal noodzakelijke keukenspullen, zoals schalen, pannen, emmers zijn tekort. Dus onze wandeling naar het centrum loopt via de plaatselijke markt, waar werkelijk van alles te koop is. We kijken, keuren, onderhandelen en kopen. Met armen vol zoeken we zeer voldaan een taxi. Wat kan ik samen met Elsy geweldig blij zijn dat we dit soort dingen kunnen doen. Wat lijkt in Nederland veel vanzelfsprekend! We hebben nog heel wat te leren in dankbaarheid!
 

Even rustig aan doen

Die middag kookt Elsy een heerlijke Colombiaanse goulash (met koffie erin verwerkt) met rijst. Ik besluit die middag wat rustig aan te doen, want het tijdsverschil en de hoogte spelen me een beetje parten. Weinig geslapen de afgelopen dagen en niet helemaal lekker vlak voor ik op reis ging. Gewoon moe! 's Avonds met Elsy, Ger en Froukje nog even de stad in om een hapje te eten, gezellig!
 

Opnieuw vroeg beginnen

De volgende ochtend sta ik weer keurig om vijf uur bij de poort, met alle keukenspullen die nu mee moeten naar de comedor. Alleen er is zo gauw nog geen taxi te bekennen, dus dan maar beginnen met lopen. Gelukkig vinden we een paar straten verderop een taxi die ons keurig bij de comedor aflevert. Deze ochtend staat er soep op het menu als ontbijt. Dat wordt bijna anderhalf uur soepgroente snijden samen met twee moeders, voor zoveel personen.
En dat alles met één snijplank, die ik mag gebruiken; de moeders zijn erg handig in het zeer fijn snijden, gewoon in de hand. Daar heb ik echt bewondering voor!

Viviana: verlamd, incontinent en blind

De dag ervoor zag ik een meisje in de comedor van twaalf jaar oud, die een klein emmertje meebracht dat weer gevuld mee naar huis ging. Elsy vertelde me dat dit voor haar zusje Viviana is, die ziek in bed ligt. Ze blijkt een tumor aan haar hoofd te hebben, maar door geldgebrek is de operatie niet uitgevoerd. Dit heeft zich zo'n drie jaar geleden afgespeeld, en ondertussen is ze verlamd geraakt, incontinent en blind! Haar verhaal laat me niet los en ik heb sterk de indruk dat ik haar bezoeken mag. Deze morgen sta ik samen in de keuken met haar moeder, toevallig he? (smile). Ze vertelt over haar dochter met tranen in de ogen en ik vraag of ik haar bezoeken mag en voor haar mag bidden. Dat mag, alleen moeder moet om half zeven naar haar werk, maar oma is er wel.
 

Cadeautjes uit Nederland

De eerste kinderen druppelen binnen en ik geniet van al die snoetjes, het blij zijn met een bord eten! Sommige kinderen zien er schoon en fris uit in hun schooluniformen, anderen zijn ronduit smerig in hun groezelige kleding. Ik denk nog, hoe speel je het klaar om om kwart over zes al zo vies te zijn, maar dit is zeer kortzichtig gedacht van mij, daar kom ik later die ochtend wel achter. Het is tijd voor foto's en het uitdelen van de meegebrachte cadeautjes.
In Nederland vroeg een leerling van mij uit groep acht of ik ook wat speelgoed kon gebruiken voor de kinderen van Peru. Wie schetste mijn verbazing toen hij samen met zijn vader, het weekend voor ik op reis ging, met zo'n tweehonderd stuks aan komt zetten.
En ook al is mijn koffer zoekgeraakt (zitten trouwens alleen spullen voor Arequipa in), mijn tas vol barbies en schijftollen is keurig meegereisd. Wat een gelukkige koppies, voor sommigen is dit misschien wel hun eerste pop! Jennifer, een meisje van zestien, die samen met Richard van veertien, elke morgen om zes uur paraat staat om te helpen, zegt met een diepe zucht: ‘Dat is alleen voor de kinderen hé?’ Ze heeft ooit één keer een pop gehad, die ze samen met haar zusje moest delen. Maar vandaag gaat ook zij met een barbie naar huis!
Als iedereen gehad heeft en de kinderen zijn vertrokken, krijgen wij nog een kop soep. Na het afruimen gaan Elsy en ik de berg op, op zoek naar Viviana.
 

Een schokkend bezoek

We zijn hier echt aan het eind van de stad, de weg houdt hier op en een smal zandpaadje leidt de berg op. De zon schijnt volop en overal is het groen. Het regent nog steeds elke middag, en hard! Als je naar de natuur en de mooie blauwe lucht kijkt dan denk je wat een idyllisch plaatje. Als je naar de ‘huisjes’ kijkt verandert dat idee.
Na een poosje zien we een oud vrouwtje in een deuropening zitten, dit blijkt oma te zijn. We mogen binnen komen en het duurt even voor mijn ogen aan het donker gewend zijn. Alleen de deur doet je denken aan een huis! Binnen is alles donker, er is geen raam te bekennen en het licht dat naar binnen valt komt door de deur of door de gaten in het golfplaten dak. De muren zijn van kleistenen en aangesmeerd met gras, dat overal afbrokkelt. Er zit zelfs een groot gat in naar de buren, waar het net zo donker lijkt. De vloer is de berghelling. Gewoon de berg! Op een redelijk vlak stuk staan twee bedden waar het hele gezin, oma, moeder, een broer van zeventien en de beide meisjes van veertien en twaalf slapen. Viviana ligt in de hoek, in haar hand de botjes van de kippensoep die ze net uit het emmertje heeft opgegeten. We praten wat met Viviana en oma en geven ook haar een barbiepop. Het hoofd van de barbie met paardenstaart wrijft ze langs haar wang en een glimlach verschijnt! We vertellen haar over Jezus en leggen uit dat we graag met haar willen bidden en haar willen zalven met olie. Dat is OK. Oma huilt. We laten nog een bedragje achter en vragen of we nog een foto van Viviana mogen maken. Ik voel me te beschaamd om verder binnen te fotograferen, echt geschokt.
Als de flitser afgaat reageert Viviana, ze merkt toch iets van de felheid van het licht, ze lacht. Alleen daarom flits ik nog een aantal keren.
Als we afscheid nemen en samen weer de berg afzakken staan we op een gegeven moment stil en huilen in elkaars armen. Elsy vertelt me dingen uit haar jeugd en veel pijn komt boven. Samen staan we te bidden zomaar op de straat, het deert ons niet dat een ander misschien kijkt.
 

Verbazen en genieten

Eenmaal in het centrum aangekomen, gaan we op zoek naar spullen om te verkopen op de moederdagmarkt in Aalten, ten gunste van Pan de Vida. Als we onze slag geslagen hebben, gaan we samen met Ger en Froukje nog een ijsje eten in ja, ja de Nederlandse IJssalon van Pim. En lekker dat dat Italiaanse ijs is!
Die middag moet iedereen weg, dus ik bekommer me om de afwas en het strijkgoed, net als toen in Huancayo. Alleen nu geniet ik op de achtergrond van DVD’s van Marcos Witt en ik geniet. Die avond zitten Froukje en ik nog lang aan de tafel en delen onze harten. En we verbazen ons over het plan van God!
 

Dit is Peru

De volgende ochtend wordt het alweer afscheid nemen. Eerst lekker uitslapen tot zes uur en dan om half zeven de taxi naar het vliegveld. Als de taxi voorrijdt zie ik het al, enorme stoomwolken vanuit de motorkap en een straaltje water dat er van onder uitloopt. Froukje roept nog naar Ger dat hij beter een andere kan bellen, maar daar wil onze chauffeur niets van weten. Mijn bagage heeft hij al in de kofferbak en met een flesje water vult hij de zaak weer bij. We stappen maar in, maar na enkele minuten beslaat de voorruit, van de buitenkant wel te verstaan! Omdat de ruitenwissers niet meer functioneren, kijkt hij een beetje scheef door het zijportier. Gelukkig weinig bochten in deze weg dus voet op het gas. Een kruispunt verderop begeeft de auto het en roept hij om een andere taxi. Ik vind het zo sneu voor hem dat ik hem toch maar iets betaal voor dit ritje. Een andere taxi brengt ons keurig naar de luchthaven, waar tot mijn grote verbazing, niet alleen de koffers worden gewogen, maar ook de passagiers inclusief handbagage! Dat is lachen. Ook al staat op het ticket dat ik om kwart over zeven vertrek, het vliegtuig komt pas om half acht binnenvliegen. Het enige andere vliegtuig dat er staat is een militair vliegtuigje dat zo'n vier jaar geleden op de neus terecht kwam en sindsdien hier is blijven staan. Het vliegveld is trouwens uitermate klein, controlepoortjes kennen ze niet, ze vragen allen of ze even in mijn tas mogen kijken, wat zeer vluchtig gebeurd.
Na een hartelijk afscheid zit ik zo'n twintig minuten later al in de lucht, wat me weer verbaasd. Het vliegtuig blijft erg lang laag vliegen, wat een prachtig uitzicht geeft, maar me ook een beetje doet afvragen of dat wel zo veilig is. Straks zullen we de bergen van Huaraz naderen, en dat zijn echte reuzen, wel zo'n 6.000 meter hoog. Hopen dat we tijdig hogerop gaan.

Een bijzondere ontmoeting

Ondertussen wordt een pakketje met eten uitgedeeld en drinken geserveerd. Mijn oog valt op het boek dat mijn buurman aan het lezen is, ‘demons and angels.’ We raken aan de praat, hij is advocaat en werkt o.a. voor de mijncompagnie in Cajamarca. Zowel in Europa als China is hij geweest. Hij vraagt wat ik in Cajamarca gedaan heb, en ik vertel. Ik vertel over het project, over Viviana, over onze zoon in Peru en over een relatie met God. Hij is erg onder de indruk van het feit dat het bestaat een relatie met God te hebben en hij merkt op dat ik dat heb.
Zelf is hij RK, maar komt er niet vaak meer. ‘Dit gesprek gaat dingen veranderen,’ zegt hij. Ik laat hem een gezongen gebed van Don Moen horen dat mijzelf net diep getroffen had en hem nu ook. Ik vraag of ik met hem bidden mag en hij zegt: ‘Graag.’ Daar zitten we dan, overkomt dit mij echt? Ja! Hij zegt een dezer dagen een gesprek te hebben om te verhuizen naar een van de duurste wijken van Lima, maar na dit gesprek wil hij daar opnieuw over denken. ‘Jij komt hier om te geven, en ik voel hoe gelukkig je bent. Ik probeer alleen mezelf te verrijken, waar ben ik eigenlijk mee bezig? Mag ik jou en je zoon een lift aanbieden? Ik woon in Miraflores (één van de duurste wijken van Lima).’ OK.
Na een heerlijk weerzien met mijn zoon lopen we naar de P plaats waar een dikke BMW op ons wacht. Wat grappig, Froukje had nog een adres van een veilige taxi, maar was het vergeten. ‘Maak je geen zorgen Froukje,’ zei ik nog. ‘Het komt goed ...’ Dat rijdt wel even anders dan die gammele karren, een heerlijk ritje langs de playa (het centrale plein), waar ik echt van geniet. Ondertussen begint hij Carlos te ondervragen, die ook zijn verhaal vertelt en getuigt van God. Super hè! Kennelijk wil hij ons nog niet kwijt, want we gaan Miraflores voorbij en Barranco ook . We komen in Chorrilos, een zeer luxe club waar geen toerist binnenkomt, maar waarvan hij een pasje heeft. Wat een prachtig strand, wat een luxe, wat mooi! Aangelegd door Hollanders! We stappen uit en wandelen nog even wat rond, dan moet
hij echt naar zijn afspraak en zet ons af bij Larco Mar. We nemen hartelijk afscheid, wisselen gegevens uit en wensen hem Gods zegen.

Moeder-zoon hereniging

Wij gaan aan een tafeltje zitten en deze moeder geniet ervan dit samen met haar zoon mee te maken. Met een gammele kar gaat het richting vliegveld en dan op zoek naar de verdwenen koffer. Helaas die wil vandaag niet meer boven water komen, dus dan maar zonder verder.
Na vijf dagen zou het toch leuk zijn om mijn spulletjes weer te hebben.
Na ruim een uur vliegen komen we aan in Arequipa. Daar is onze mooie schoondochter
met in haar armen mi nieta (mijn kleindochter). Een blij weerzien volgt met een slapende Esther in mijn armen. Wat een geluk dat ze slaapt, want als ze wakker word later op de avond vindt ze die oma maar niks. Dat wordt even wennen, maar komt gelukkig goed!
 

De projecten in Araquipa

Behalve het heerlijk optrekken met mijn familie staan nog andere activiteiten op het programma. Tot twee keer toe bezoeken we de buurt waar Carlos en Mariela zullen beginnen met een comedor. Nazareno en Villa Fontana, zijn twee wijken aan de rand van de stad, tegen de vulkaan de Misti aan. De verharde weg houdt hier op, er is geen groen meer te bekennen, alleen maar vuil en stof. Het lijkt wel alsof iedereen hier zijn vuilnis dropt. En als je denkt de stad helemaal verlaten te hebben, verschijnen opeens kleine stenen optrekjes met golfplaten als dak. Geen water,een groot gedeelte geen stroom. Brandende zon overdag, bar koud ‘s avonds en ‘s nachts. Op de hoek van de straat kun je op gezette tijden een emmer water halen.
 

Claudia

Eerst komen we in Nazareno en gaan op bezoek bij Claudia, een vrouw die kookt voor projecten van de staat. Carlos heeft al contact met haar gehad en zij is bereid ons te helpen.
In Villa Fontana, waar ons al grond aangeboden is, wachten we op een eigendomsverklaring, zonder die zekerheid willen we de bouw niet starten. Toch willen we graag beginnen ook hier kinderen te helpen, en we maken hier afspraken over. Claudia en haar man, zijn samen met anderen van hun kerk, begonnen in Nazareno een klein kerkje te bouwen, dat tevens dienst zal doen als comedor. De bouw vordert zeer langzaam, alleen als de gemeenschap weer wat geld heeft worden stenen, cement, ed. aangekocht. We besluiten hier te helpen. Het mes snijdt naar twee kanten, wij gaan helpen dit af te bouwen en tevens een goede keuken realiseren.
Claudia gaat dan van hieruit ook koken voor het project in Villa Fontana, zo maken twee wijken gebruik van een keuken. Carlos zal de bouw op de voet volgen en alle materialen aankopen. Dat betekent meerdere malen per week bouwmaterialen kopen in de stad.
Je kunt nl. niet meer aankopen dan dat je in korte tijd kunt verwerken, anders ben je het kwijt!
Zolang de keuken nog niet af is zullen we gebruik maken van de kookmogelijkheden in het huis van Claudia, zodat we binnen enkele weken kunnen starten. Wat een voldoening geeft dit, te mogen helpen, te mogen geven!
 

Bewondering

Ik zou nog veel meer kunnen vertellen, maar ik ben me bewust dat dit al een heel lang verhaal geworden is. Ik heb een goede terugreis gehad en mag terugzien op een zeer geslaagde reis. Wat een bewondering heb ik voor al die medewerkers die vol liefde zoveel geven aan de kinderen van Peru. Dankbaar ben ik voor al die sponsors en voor al die giften, die dit elke dag opnieuw mogelijk maken! Namens de kinderen van Peru: zo ontzettend bedankt!

‘Wie een arme geeft, zal zelf geen gebrek lijden; maar wie de nood van de armen niet wil zien, zal veelvuldig worden vervloekt.’
Spreuken 28:27

 
Next >
Verkehrsinfo NL
 
   
     

 
 
© 2010 euregiofoundation Design iCANcreative, Bocholt